,

Snelle verschuiving naar elektrisch vervoer

voorspelt een snelle verschuiving naar elektrisch rijden

Dit artikel komt van Duurzaam Bedrijfsleven. Omdat het gaat over de verschuiving van mobiliteit, beschouwen wij dit artikel als relevante content voor De Mobiliteit voor Morgen.

Hoogleraar Maarten Steinbuch voorspelt een snelle verschuiving naar elektrisch rijden

Binnen nu en tien jaar verwacht Maarten Steinbuch, hoogleraar aan de Technische Universiteit Eindhoven, een snelle verschuiving naar elektrisch vervoer in de breedste zin van het woord. De elektrische auto en fiets zijn er al, maar ook elektrische scooters, stepjes, driewielers en bakfietsen zijn in opmars. “Het wordt allemaal kleiner en elektrisch aangedreven zodat je in de stad mobieler bent en minder parkeerplek nodig hebt.”

Hoogleraar Maarten Steinbuch verwacht dat het over tien jaar raar is als iemand overweegt om een diesel of benzine personenauto aan te schaffen. “Die zijn op de tweedehandsmarkt dan niet veel meer waard.” Hij vindt het spijtig dat er voorlopig nog geen sloopregeling komt voor oude auto’s. “De overheid zou eigenlijk een premie moeten geven van zeg € 2000 als je je oude auto inlevert. Op die manier kun je de aanschaf van elektrische auto’s verder stimuleren.”

Naast het personenvervoer verwacht Steinbuch dat ook het vrachtvervoer verder elektrificeert. “Maar daar gaan ook andere vormen een rol spelen zoals waterstof en milieuvriendelijkere varianten op benzine”, aldus de hoogleraar.

Noorwegen koploper op het gebied van elektrisch rijden

“Daar bestaat de verkoop van auto’s nu al voor 50 procent uit elektrische batterij auto’s, dat is hier ongeveer 13 procent.” Vanaf 2025 doet het land (nieuwe) fossiele auto’s volledig in de ban, in tegenstelling tot de Nederlandse regering dat voorlopig nog geen verbod heeft ingesteld. “De regering heeft gezegd dat het de verwachting is dat we in 2030 helemaal over zijn op elektrisch personenvervoer, maar niet dat de verkoop van nieuwe fossiele auto’s verboden wordt.”

Waterstofauto heeft nog tijd nodig

Steinbuch verwacht minder van waterstof voor personenvervoer omdat dit te duur blijft. Hiervoor noemt hij meerdere redenen. “De literprijs van waterstof zal altijd meer blijven dan van elektriciteit omdat je in feite drie keer zoveel elektriciteit nodig hebt om dezelfde hoeveelheid energetische waterstof te maken. De waterstofprijs blijft daarom altijd meer per gerede kilometer dan bij elektrisch rijden.” Ook de onderhoudskosten zijn volgens de hoogleraar hoger bij een waterstofauto. “Je hebt een klein chemisch fabriekje in je auto, dat vergt meer onderhoud.”

De elektrische auto krijgt nu een flinke impuls vanwege de lage bijtelling, waardoor meer mensen er één aanschaffen. “Dat zie ik niet zo snel gebeuren bij de waterstofauto. Bovendien moet je drie keer zoveel windparken neerzetten om waterstof te maken, dat is zonde. Daarom is waterstof voor personenauto’s een onzinnig idee wat mij betreft.”

Kansen voor waterstof

Ook voor vliegtuigen verwacht Steinbuch de komende jaren meer van de elektrische batterij dan van waterstof. “Als we kijken naar de energiedichtheid van waterstof, dan is dat zelfs voor vliegtuigen een probleem omdat waterstoftanks qua volume heel wat plek innemen.” Voor zwaar transport biedt waterstof wellicht in de toekomst wel uitkomst, maar ook daar zijn batterijen volgens de hoogleraar een goede oplossing. “Ik zou waterstof echt beschermen en alleen benutten voor de industriële vraag naar energie.”

Hij vervolgt: “De industrie gebruikt veel energie, ongeveer een kwart. Denk aan de zware industrie zoals hoogovens, maar ook aluminium en kunstmestfabrieken. Waterstof als opslagmedium voor verschillende seizoenen is met name cruciaal. Als we duurzame energie als waterstof willen produceren, laten we het dan gebruiken om de industrie te voorzien. Niet voor iets waarvoor al een alternatief voorhanden is, zoals bij mobiliteit.”

Dit artikel komt van Duurzaam Bedrijfsleven.